Psalmen 121
God bewaart Zijn volk1 Een pelgrimslied.
Ik sla mijn ogen op naar de bergen,
vanwaar mijn hulp komen zal.2 Mijn hulp is van de HEERE,
Die hemel en aarde gemaakt heeft.3 Hij zal uw voet niet laten wankelen,
uw Bewaarder zal niet sluimeren.4 Zie, de Bewaarder van Israël
zal niet sluimeren of slapen.5 De HEERE is uw Bewaarder,
de HEERE is uw schaduw aan uw rechterhand.6 De zon zal u overdag niet steken,
de maan niet in de nacht.7 De HEERE zal u bewaren voor alle kwaad,
uw ziel zal Hij bewaren.8 De HEERE zal uw uitgaan en uw ingaan bewaren,
van nu aan tot in eeuwigheid.
Psalmen 1221 Een pelgrimslied, van David.
Ik ben verblijd, wanneer zij tegen mij zeggen:
Wij zullen naar het huis van de HEERE gaan! 2 Onze voeten staan
binnen uw poorten, Jeruzalem! 3 Jeruzalem is gebouwd als een stad
die hecht samengevoegd is. 4 Daarheen trekken de stammen op,
de stammen van de HEERE,
naar de ark van de getuigenis van Israël,
om de Naam van de HEERE te loven. 5 Want daar staan de zetels van het recht,
de zetels van het huis van David. 6 Bid om vrede voor Jeruzalem,
laat het goed gaan met hen die u liefhebben.